t841 werd de belasting op de beetwortelen reeds op Io pf. ge:
„racht, in 1843 op 30 pf., in 1851 op 6o pf. en in 1854 op
tz0 pf. en in 1859 op 150 pf. Daar de rendementen in diezelfde
jaren respectievelijk 6.13 pCt., 6.58 pCt., 7.25 pCt., 8.zo pCt.
en 8.47 pCt. bedroegen, zoo staat dat gelijk met een accijns van
respectievelijk 1.63, 4.54, 8.28, I4.64 en 17.70 Mark per 100
K.G. Het invoerrecht op ruwe suiker werd in 1842 op 48 en
in 1862 op 36 Mark gesteld, terwijl dat op geraffineerde suiker
tot het jaar 1862 op 60 Mark bleef gehandhaafd en daarna tot
44 Mark per 100 K.G. werd verlaagd. Dit groote verschil in
rechten was dan ook oorzaak, dat er in het geheel geen geraffineerde
 suiker werd ingevoerd en dat de invoer van Tietsuiker,
die in 1840 nog 50.824 ton en in 1845 zelfs nog 70.692 ton had
bedragen, hoe langer hoe minder werd en in het jaar 1869 nog
slechts z.965 ton groot was. In datzelfde jaar 1869 werkten er
in Duitschland 296 suikerfabrieken, die te zamen 2.497.683 ton
heetwortelen verwerkten, en daaruit 208.140 ton suiker wonnen
of 8.33 pCt. Van die verkregen suiker werd 25.485 ton uitgevoerd,
 waarbij de betaalde accijns werd teruggegeven. Die Testitutie,
 welke in het jaar 1862 op 16.50 Mark per 100. K.G.
was vastgesteld, was in het jaar 1865 op 17.zo gebracht en in
870 zelfs tot 18.80 Mark verhoogd. In het jaar 1862 bedroeg
aet rendement, dat uit de beetwortelen verkregen was, 7.94 pCt.
en de accijns op de beetwortelen 1.50 Mark per 100 K.G.,
zoodat de suiker met 18.90 Mark per 100 K.G. belast was en
men bij uitvoer derhalve niet den vollen accijns terugkreeg. In
:865 was het rendement 8.20 pCt. en de accijns 1.50 Mark per
too K.G. beetwortelen, of 18.30 M. per 100 K.G. suiker, terwijl
de restitutie bij uitvoer 17.20 Mark bedroeg, maar in 1870, toen
iet rendement 8.40 pCt. bedroeg en de accijns op de beetwortelen
 op 1.60 M. was gebracht, kwam er een goede verhouding
tusschen geheven accijns en restitutie tot stand, daar de eerste
19.09 M. bedroeg en de laatste 18.80. ‘Hierbij is de melasse
geheel buiten rekening gelaten, zoodat deze in de hier gegeven
beschouwingen als accijnsvrij is aangenomen.