ee

Uit den bedoelden staat zien wij, dat de productie de
zonsumptie al zeer spoedig overtrof en dat er zeer veel suiker
verkoopbaar bleef, die den prijs tot een peil deed dalen,
waarop het onmogelijk was zonder verlies suiker te produceeren.
Op vertoog van de suikerfabrikanten besloot de Regeering op
12 Juli 1885 wederom tot het verleenen van een tijdelijke uitvoerpremie,
 die als volgt berekend werd. Behalve de restitutie
van den betaalden accijns, genieten de suikerfabrikanten per
poed uitgevoerde suiker eene premie van T roebel, die bij uitroer
 naar Europeesche havens tot 1 Januari 1886 en naar Azitische
 havens tot 1 Juli 1886 toegestaan werd. Het betalen
van de premie houdt op zoodra de uitvoer boven de 2 millioen
poed komt en het ontvangen bedrag moet in de campagnes
1885/86 en 1886/87 tegelijk met den accijns weer teruggegeven
worden. Ieder haastte zich zoo spoedig mogelijk binnen de toegelaten
 grenzen van tĳd en hoeveelheid suiker uit te voeren,
aetgeen de binnenlandsche markt wel eenigermate ontlastte,
maar toch niet veel hielp, omdat toevallig de oogst 1885/86 zoo
uitengewoon groot was, dat de overproductie en de daardoor
ontstane overlading van de binnenlandsche markt ‘niet alleen
niet verminderden, maar nog toenamen en de suikerprijs steeds
daalde. De Regeering verlengde daarom den termĳn van uitvoer
naar Europeesche havens tot 1 Mei 1886 en dien van teruggave
van de premie met nog ééne campagne, maar het is duidelijk,
dat zulke zwakke maatregelen hier niet de gewenschte hulp verschaften.
 De fabrikanten drongen aan op een inkrimping van
de productie en een vaste uitvoerpremie op het geheele bedrag
van den uitvoer, die niet naderhand teruggevorderd zou worden
naar hoewel de Regeering ten volle overtuigd was, dat ef iets
moest worden verricht om een totalen ondergang van de industrie
 te verhinderen, zoo waren de verschillende raadgevers
en belanghebbenden het dermate met alkander oneens, dat er
behalve eenige kleinere faciliteiten in zake de wijze van accijnsbetaling
 niets werd gedaan. De crisis bleef aanhouden, in de
jaren 1885— 1888 staakten 22 fabrieken haar bedrijf, en omdat