BELGIE.
De beetwortelsuikerindustrie in België dateert van het jaar
t840 ongeveer, toen op zeer kleine schaal suikerfabrieken werden
opgericht. In het jaar 1843 bedroeg het aantal suikerfaoriekjes
reeds 31, en men kan zich een denkbeeld van hun
geringen omvang vormen, wanneer men bedenkt, dat de totale
oroductse van al deze ondernemingen in datzelfde jaar niet
meer dan zooo ton suiker bedroeg. In bet jaar 1860 was hun
aantal reeds tot 65 geklommen, in 1870-71 tot 152 en het
maximum werd in het jaar 1872-73 met een getal van 174
suikerfabrieken bereikt. Een aantal daarvan verdween weer
van het tooneel, terwijl vele kleine zich tot enkele groote fabrieken
vereenigden, zoodat in 1884-85 bij den aanvang van de
groote suikercrisis nog slechts 150 fabrieken in België werkten,
welk aantal spoedig daarop nog een groote vermindering
onderging.
Het is zeer moeilijk een goed beeld te geven van de producie
van de suikerfabrieken, daar, evenals dit bij de beschouwing
van de Nederlandsche suikerindustrie aangegeven is, ook
in België de belasting werd geheven naar het volume en de
densiteit van het diffusiesap, zoodat alleen een berekende en
geen geconstateerde suikerproductie in de boeken werd opge-2omen.
1)
Volgens de berekeningen van Fr. Sachs kan men aannemen
dat de hier volgende staat zoo goed mogelijk de productie in
) Vele van de hier genoemde cijfers zijn ontleend aan Paasche, Die
Zuckerpvoaucton der Wel.